Direct naar de inhoud
Rekenhulpen

Moestuin en kruiden

Oogsten in de moestuin: wanneer is het rijp en hoe bewaar je het

Oogst op het teken van de plant en niet op de kalender. Radijs is klaar na vier tot zes weken, spruitjes zijn rijp bij 2 tot 3 cm en pompoen zodra het loof geel wordt. Knoflook is in juli rijp en winterprei kan tot in februari blijven staan. Bewaar aardappel, ui en pompoen droog en donker, en blancheer spruitjes voor de vriezer. Alles over het kweken staat in de moestuin.

Kist met net geoogste groente op een tuintafel: spruitjes, een pompoen en knoflook, in een Nederlandse tuin in de herfst
Een oogst die droog en donker bewaard wordt, blijft maanden goed.

Zo weet je dat een groente klaar is

Een zaaidatum geeft een richting, maar de plant bepaalt het moment. Warmte, ras en zaaitijd schuiven de oogst met weken op, dus let op de plant zelf. Kijk naar de dikte van de knol, de kleur van het blad, de stevigheid van de bloem of het moment dat het loof geel wordt. Wanneer je wat zaait bepaalt natuurlijk wanneer je oogst, maar het weer van dat jaar beslist de rest.

Pluk liever iets te jong dan te laat. Jonge groente is mals en veel gewassen maken daarna nieuwe vruchten of bladeren. Oogst op een droge dag, het liefst in de ochtend, en eet wat je niet bewaart binnen een dag of twee. De tabel geeft per groente het gangbare moment en het teken om op te letten.

Het oogstmoment per groente en waaraan je het ziet
GroenteOogstmomentTeken
Radijs4 tot 6 weken na het zaaiende knol is rond en vol
Bloemkooljuli tot en met oktobereen strakke, compacte bloem
Koolrabijuni tot en met oktoberde knol is nog niet houtig
Courgettevanaf begin juli bij zaaien eind apriljong, klein en glanzend
Spruitjesvanaf september, de late rassen in de winter2 tot 3 cm, stevig en gesloten
Pompoenaugustus tot oktober, voor de eerste vorsthet loof wordt geel
Knoflookrond julihet loof is geel en dor
Winterpreiseptember tot in februarieen dikke, stevige schacht
Gemiddelden voor een Nederlands seizoen. Het weer en het ras schuiven ze op.

Tomaat, courgette en pompoen plukken

Tomaten pluk je, afhankelijk van het ras, vanaf juli. Let bij tomaten en andere vruchtgroenten op de kleur en de stevigheid van de vrucht. Een zwarte, ingezakte onderkant komt meestal van onregelmatig water geven en niet van een ziekte: snijd de plek weg en eet de rest.

Courgettes geven vanaf begin juli oogst als je eind april zaaide, en dat gaat door tot de planten in september uitgeput raken. Een tweede zaai in juni levert courgettes voor de nazomer. Pompoenen haal je binnen zodra het loof geel wordt en altijd voor de eerste vorst. Laat ze daarna twee weken uitharden op een zonnige, droge plek, want dan houden ze tot wel mei.

Sla, radijs en wortel: wanneer haal je ze uit de grond

Bij sla en pluksla pluk je de buitenste bladeren en laat je het hart staan, zodat de plant blijft doorgroeien. In warme perioden schiet sla door, dus pluk dan eerder. Snijbiet en spinazie smaken het best jong en op de dag van het plukken, want ouder blad wordt bitterder. Wie de teelt van sla en andere bladgroenten goed plant, kan lang blijven plukken.

Radijs is na vier tot zes weken klaar en wordt snel houtig, dus trek er elke dag een paar. Wortel, rode biet en knolselderij haal je uit de grond als de bovenkant van de knol zichtbaar dik is. Op zware klei til je ze eerst los met een spitvork, anders breken ze af. Hoe je wortel- en knolgewassen teelt, bepaalt ook hoe lang je ze kunt laten staan.

Ui, prei en knoflook

Knoflook is rijp als het loof rond juli geel en dor wordt. Hang hem daarna op aan het dorre loof onder een afdakje, zodat hij kan drogen. Sjalotten zijn ongeveer tegelijk klaar. Uien haal je uit de grond als het blad omvalt en geel wordt, en je laat ze daarna op een droge plek goed doordrogen.

Winterprei kan tot in februari op het veld blijven staan, want hij is vorstbestendig. Steek hem los met een spitvork, zodat de wortels en de schacht heel blijven. Hij hoeft dus niet in een keer weg, je haalt wat je nodig hebt. Hoe je knoflook, ui en prei plant en verzorgt, bepaalt hoe groot de bollen worden.

Tuinbonen, mais en zonnebloem

Tuinbonen pluk je meestal vanaf peulen van 12 tot 15 cm. Jonge peulen zijn mals, grotere smaken sterker, en je hoeft niet alles in een keer te oogsten. Laat de peul niet zwart worden. Pronkbonen pluk je jong, want later worden ze taai. Pronkbonen horen bij de groep bonen en erwten.

Mais is rijp als de haartjes aan de top bruin en droog zijn en er melkwit sap uit een korrel komt als je er met je nagel in drukt. Is het sap nog waterig, wacht dan een paar dagen. Zonnebloempitten oogst je als de achterkant van de bloem geel tot bruin is en de kop slap hangt. Knip hem dan af en laat hem drogen onder een net, anders eten de vogels hem leeg.

Kool en winteroogst

Spruitjes pluk je als ze 2 tot 3 cm groot, stevig en gesloten zijn, beginnend onderaan de stam. Vroege rassen kun je vanaf september plukken, late rassen zijn in de winter het lekkerst. Na een nachtje vorst worden ze zoeter, omdat de plant zetmeel omzet in suiker. Komen er meerdere dagen strenge vorst, pluk ze dan alvast allemaal. Boerenkool pluk je van onderaf en je laat de kroon met jonge bladeren staan, zodat de plant doorgroeit.

Broccoli oogst je als de knoppen donkergroen en strak zijn, en koolrabi snijd je af voor de knol houtig wordt. Geef spruitkool en boerenkool in de herfst stevige stokken tegen wind en natte sneeuw, dan kun je de hele winter doorplukken. Een rijke winteroogst begint bij het kweken van kool in het voorjaar.

Kruiden en zaad oogsten

Kruiden knip je liever vaak en een beetje dan een keer veel, dan blijft de plant verse scheuten maken. Tijm en oregano knip je niet tot in het kale hout. Basilicum kan niet tegen vorst, dus oogst hem voordat het in september of oktober koud wordt. Koriander en dille schieten snel door, dus pluk de blaadjes jong. De teelt zelf pak je aan met kruiden kweken.

Zaad oogst je op een droge dag als het volledig rijp is, en je laat het goed drogen voor je het bewaart. Van zaadvaste rassen kun je zaad houden, van F1-hybriden niet, want de nakomelingen lijken dan niet op de ouderplant. Bonenzaad zet je een paar dagen in de vriezer voor je het opbergt, zodat eitjes en larven van de bonenkever geen kans krijgen.

Wat haal je wanneer uit de tuin

In juni oogst je doperwten, aardbeien, radijs en vroege rode biet. Rabarber stop je rond eind juni te steken, zodat de plant kan herstellen, en hoe dat precies zit, hoort bij rabarber en asperges. In juli komen tomaat, courgette, knoflook en tuinbonen erbij. Augustus is de maand van paprika, komkommer en pompoen, en in september volgen spruitjes en prei.

Wie langer wil oogsten, zaait door: radijs kan van maart tot en met augustus en een tweede zaai courgette in juni geeft oogst in de nazomer. Oogst je in de loop van het seizoen steeds een beetje, dan heb je nooit een overschot dat je niet kwijt kunt. In een kweekkas of kweekbak begint het seizoen eerder en loopt het later door.

Wanneer je wat oogst in het seizoen
MaandWat je oogst
Junidoperwten, aardbeien, radijs en vroege rode biet
Julitomaat, courgette, knoflook, ui en tuinbonen
Augustuspaprika, komkommer, augurk en pompoen
Septemberspruitjes, prei, wortel en pompoen
Oktober en novemberspruitjes, prei, knolselderij, boerenkool en veldsla
Decemberboerenkool, spruitjes, prei en veldsla

Fruit en noten uit de tuin

Een peer is klaar als hij met een lichte draai van de tak komt, nog hard, en rijpt daarna na op een koele plek. Bij appels laat de steel vanzelf los als ze rijp zijn. Frambozen en kruisbessen pluk je rijp, want zachtfruit rijpt na het plukken nauwelijks door.

Walnoten en hazelnoten oogst je als ze vanzelf uit hun omhulsel vallen, meestal in de herfst. Raap ze snel op, want eekhoorns, muizen en vogels zijn er ook dol op. Draag handschoenen bij de groene schil van een walnoot, die kleurt je handen bruin. De bomen zelf kweek je op volgens fruitbomen.

Waar bewaar je wat

Aardappel, ui en pompoen horen droog en donker. Aardappelen blijven op een koele, donkere plek ongeveer een maand goed. Snijd groene plekken ruim weg en haal uitlopers eraf als ze te warm lagen. Beschimmelde of rotte aardappelen gooi je weg.

Hele uien houden het op een donkere, droge plek ongeveer twee maanden uit. Gebruik geen plastic zak en leg ze niet naast aardappelen of knoflook. Een zachte of slijmerige ui gooi je weg, want hij steekt de rest aan. Harde, compacte spruiten blijven ongeveer een week goed in de koelkast, en kort geblancheerd houden ze twaalf maanden in de vriezer. Voor wortel en biet kies je de beste manier bij wortel- en knolgewassen in jouw situatie.

Welke groente bewaar je waar en hoe lang
Welke groenteWaarHoe lang
Aardappeldroog, donker en koelongeveer 1 maand
Uidonker en droog, niet in plasticongeveer 2 maanden
Pompoendroge plek, na 2 weken uithardentot wel mei
Spruitjeskoelkast, of geblancheerd in de vriezerongeveer 1 week, of tot 12 maanden
Knoflookaan het dorre loof onder een afdakjetot je hem gebruikt

Uit de praktijk

Mais die er rijp uitziet maar het nog niet is

Bruine haartjes aan de top van een maiskolf zeggen niet genoeg. Wie op de haartjes afgaat, oogst vaak een week te vroeg en proeft een kolf die niet zoet is. De nageltest geeft meer zekerheid: komt er melkwit sap uit een korrel, dan is de kolf klaar, is het sap nog waterig, dan wacht je. Een top zonder korrels komt door onvolledige bestuiving en zegt niets over de rest van de kolf. Verwerk suikermais zo snel mogelijk, want het suikergehalte daalt direct na het plukken.

Kolven in alle kleuren in plaats van groen

Een bestelde maissoort gaf kolven met korrels in alle kleuren, omdat er siermais en andere rassen vlakbij stonden. Bij mais bepaalt het stuifmeel van de buren de korrelkleur al in het jaar zelf, dus de kruising merk je meteen. De kolven bleken klein, rijpten sneller en smaakten zoet. Wil je een ras zuiver houden of zaad bewaren, zet dan maar een ras per tuin of houd flinke afstand.

Tuinbonen plukken vanaf 12 centimeter

Wie voor het eerst tuinbonen teelt, ziet peulen van 10 cm hangen en weet niet wanneer hij moet plukken. Boeken noemen 10 cm of 15 cm. In de praktijk begin je rond 12 tot 15 cm, haal je om de paar dagen een maaltijd en proef je wat je het lekkerst vindt. Tot ongeveer 20 cm blijven de peulen mals, daarna worden de bonen groter en steviger. Laat de peul niet zwart worden.

Veelgemaakte fouten

  1. Op de datum oogsten in plaats van op het teken

    De plant volgt het weer en niet de kalender. Kijk naar knol, bloem, loof en kleur, en laat een groente rustig een week langer staan als het teken er nog niet is.

  2. Te laat oogsten

    Radijs wordt houtig, sla schiet door en broccoli bloeit open. Pluk liever jong en vaak, dan heb je steeds mals product.

  3. Bewaren op de verkeerde plek

    Ui in plastic en aardappel in de koelkast verliezen sneller kwaliteit. Houd ze droog, donker en koel.

  4. Pompoenen niet laten uitharden

    Zonder twee weken nadrogen op een droge plek houden pompoenen veel korter.

Veelgestelde vragen

Hoe oogst ik fruit?

Pluk fruit als het met een lichte draai van de tak komt, zonder dat je trekt. Appels en peren pluk je vaak iets voordat ze helemaal zacht zijn en laat je daarna nog rijpen. Zachtfruit zoals frambozen en kruisbessen pluk je als ze volledig gekleurd en zacht zijn. Meer fruit staat in het overzicht van fruitbomen.

Hoe moet je pluksla plukken?

Pluk bij pluksla de buitenste bladeren en laat het hart van de plant staan. Zo groeit de plant door en kun je steeds opnieuw oogsten. In warme perioden schiet sla door, dus pluk dan eerder en meer. Gebruik de bladeren het liefst dezelfde dag, want ze verwelken snel.

Wat doe je met verse walnoten?

Haal de groene schil eraf, met handschoenen aan, want die kleurt bruin. Laat de noten daarna een paar weken drogen op een luchtige plek in een enkele laag, bijvoorbeeld op een rek. Bewaar ze droog en koel in hun dop, dan blijven ze langer goed dan gedopt. Verse noten kun je ook meteen eten, maar die bederven sneller.

Hoe bewaar ik mais?

Suikermais verwerk je zo snel mogelijk na het plukken, want het suikergehalte daalt. Kolven in hun blad blijven een paar dagen goed in de koelkast. Wil je mais voor later bewaren, blancheer de korrels dan kort en vries ze in. Zo houd je de zoete smaak het langst vast.

Wanneer oogst ik zonnebloempitten?

Zonnebloempitten zijn rijp als de achterkant van de bloem geel tot bruin is en de kop slap hangt. Knip hem dan af met een stuk steel en laat hem drogen onder een net, want vogels eten de zaden graag. Wrijf de pitten pas los als de kop helemaal droog is, en doe dat zacht.

Wanneer pluk ik spruitjes het best?

Spruitjes zijn klaar als ze 2 tot 3 cm groot, stevig en gesloten zijn. Begin onderaan de stam. Vroege rassen kun je vanaf september plukken, late rassen smaken in de winter het best, vooral na een nachtje vorst. Bij meerdere dagen strenge vorst pluk je ze beter allemaal.

Bronnen bij dit artikel

  1. Radijs zaaien: van zaadje tot oogst in vier tot zes weken, Groei & Bloei (bekeken op 4 november 2026)
  2. Pompoen zaaien: voorzaaien in april, uitplanten na IJsheiligen, Groei & Bloei (bekeken op 4 november 2026)
  3. Moestuin in oktober: oogsten, planten en snoeien (pompoen bewaren, tuinbonen najaar), Groei & Bloei (bekeken op 4 november 2026)
  4. Spruitjes oogsten: wanneer en waarom na vorst, Groei & Bloei (bekeken op 4 november 2026)
  5. Knoflook kweken: planten, verzorgen en oogsten, Groei & Bloei (bekeken op 4 november 2026)
  6. Prei zaaien: vroeg voorzaaien in pot, later uitplanten, Groei & Bloei (bekeken op 4 november 2026)
  7. Hoelang kun je aardappelen, rauw bewaren? (oogsten en bewaren van aardappel), Voedingscentrum (bekeken op 4 november 2026)
  8. Hoelang kun je ui, rauw bewaren? (oogsten en bewaren van ui), Voedingscentrum (bekeken op 4 november 2026)

Meer onderwerpen in moestuin en kruiden

  • Moestuin beginnenMoestuin beginnen met praktische tips: wanneer je start, welke plek en grond je kiest, bak of volle grond, en wat je het eerste jaar het best zaait.
  • ZaaienZaaien hangt af van het gewas: radijs en wortel vanaf maart buiten, tomaat binnen en gevoelige planten na half mei. Lees diepte, afstand en kalender.
  • Tomaten kwekenVruchtgroenten zaai je tussen januari en april binnen en zet je na half mei buiten. Kies je gewas, zie wanneer je zaait en waar je verder leest.
  • Sla en bladgroentenBladgroenten kweken lukt het best in koele weken. Wanneer je sla, spinazie, snijbiet, rucola, paksoi en postelein zaait, en hoe je doorschieten voorkomt.
  • Wortel- en knolgewassenWortelgewassen als aardappel, wortel, biet en radijs willen losse, diepe grond. Zo kies je, zaai je op tijd en pak je een tegenvallende oogst aan.
  • Knoflook, ui en preiKnoflook zet je half oktober tot half november, ui zaai je in maart en prei plant je van mei tot juli uit. Zo ga je van pootgoed naar oogst en opslag.
  • Kool kwekenKool kweken in de moestuin: van boerenkool zaaien tot koolrabi snijden en spruitjes oogsten na vorst. Met kalender, keuzehulp en aanpak tegen rupsen.
  • Bonen en erwtenPeulvruchten kweken begint in februari met erwten en loopt tot juli met bonen. Zie wat je wanneer zaait en welke pagina bij jouw gewas past.
  • Rabarber en aspergesMeerjarige groenten zet je één keer en oogst je jaren. Begin met rabarber, kies een vaste hoek in de moestuin en kijk welke vaste groenten verder passen.
  • Kruiden kwekenMaak je kruidentuin in april of mei in grond, bak of pot. Zo verdeel je droge en vochtige kruiden, kies je een plek en plant je op balkon of verticaal.
  • KweekkasEen kweekkas vangt zonnewarmte maar houdt geen strenge vorst tegen. Zo kies je het juiste type, weet je wat erin past en houd je hem warm en luchtig.